Interesse?

Wenst u meer nieuws, praktische informatie en wetgeving over welzijn op het werk, milieu en arbeidsgeneeskunde?

Omzetting van de Milieustrafrichtlijn

Nieuws - Vlaams gewest - 19/05/2026
-
Auteur(s): 

De Europese Unie wil milieumisdrijven strenger aanpakken en de naleving van milieuregels versterken. Daarom keurde de Vlaamse Regering op 8 mei jl. het voorontwerp van decreet goed dat de strafbepalingen inzake milieu en ruimtelijke ordening grondig wijzigt. De nieuwe bepalingen voorzien in bijkomende strafbaarstellingen en strengere sancties bij ernstige schade aan het milieu of aan de mens.

Voorontwerp van decreet

Het voorontwerp van decreet voorziet in een grondige wijziging van de strafbepalingen inzake milieuaangelegenheden, in hoofdzaak opgenomen in titel XVI van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid (DABM). In het Kaderdecreet Vlaamse Handhaving van 2023 wordt tevens een strafbaarstelling opgenomen inzake emissies die aanzienlijke schade veroorzaken. Aanleiding hiervoor is in de eerste plaats de nieuwe Milieustrafrichtlijn 2024/1203.

De Europese Unie is bezorgd over de toename van strafrechtelijke milieudelicten en de gevolgen daarvan die de doeltreffendheid van het milieurecht van de Unie ondermijnen. Zij wijst ook op de nood aan grensoverschrijdende samenwerking en op het belang van een harmonisatie tussen de lidstaten wat betreft de soorten en niveaus van sancties. De Europese Unie wijst tevens op het belang van de complementariteit van het strafrecht en het bestuursrecht om wederrechtelijke gedragingen die schadelijk zijn voor het milieu te voorkomen en te ontmoedigen. De Europese Unie streeft in haar milieubeleid naar een hoog niveau van bescherming en wil de naleving van de milieuwetgeving aanscherpen door te voorzien in “doeltreffende, evenredige en afschrikkende strafrechtelijke sancties” voor een verruimd aantal verplichte strafbaarstellingen.

Daarnaast moeten de lidstaten ook voorzien in bijkomende maatregelen die verplichtingen inzake bv. herstel, aansprakelijkheid, sluiting van inrichtingen enz. kunnen inhouden. De richtlijn behelst een uitbreiding van de verplichte strafbaarstellingen in geval van ernstige schade aan het milieu of aan de mens en voorziet tevens in een verplicht sanctieniveau en in een aantal andere bijkomende sanctieregelingen.

Milieustrafrichtlijn

De Milieustrafrichtlijn 2024/1203 richt zich op een breed scala van milieumisdrijven en op verscheidene aspecten van de strafbaarstelling en sanctionering. Het betreft zowel aangelegenheden die tot de bevoegdheid behoren van de federale overheid als aangelegenheden die tot de gewestelijke bevoegdheden behoren. Dit ontwerp van decreet betreft de regelingen die tot de Vlaamse bevoegdheid behoren.

Strafbaarstellingen betreffende het in de handel brengen van producten en productnormering, de bescherming van het mariene milieu, afvalstoffenbeleid op zee, radio-actief afval, ioniserende stralingen, in-, uit- en doorvoer van uitheemse dier- en plantensoorten (bv. wat betreft CITES of wat betreft invasieve soorten), enz. worden door de federale overheid aangepast. Het sanctioneren van gedragingen die niet kunnen worden gelokaliseerd in het territorium van een gewest, behoort tot de residuaire federale bevoegdheid.

De omzetting van de Milieustrafrichtlijn heeft niet tot gevolg dat het aantal eigenlijke milieuvoorschriften, zijnde na te leven verplichtingen of verboden, wordt uitgebreid maar wel dat de strafbaarstellingen voor de overtreding van de milieuvoorschriften en de bijhorende sancties meer worden genuanceerd. De Milieustrafrichtlijn 2024/1203 legt de verplichting op om voor bepaalde gedragingen te voorzien in een zeer hoge maximumsanctie. Het betreft milieumisdrijven die met opzet gepleegd worden en die aanzienlijke schade aan het milieu of aan de mens veroorzaken.

Afstemming met nieuwe Strafwetboek

De timing van de omzetting van de Milieustrafrichtlijn 2024/1203 loopt ongeveer gelijk met de inwerkingtreding van het nieuw Strafwetboek zodat in één beweging de nodige aanpassingen worden gedaan om de strafbepalingen in overeenstemming te brengen met het nieuw Strafwetboek, in het bijzonder wat betreft de verwijzing naar de betrokken strafniveaus en de formulering van de concrete strafmaten voor zowel natuurlijke personen als rechtspersonen. Er wordt verder gebouwd op de bestaande strafbaarstellingen en voorziene sancties, aangevuld met de uitbreidingen en verstrengingen voorzien in de Milieustrafrichtlijn.

In de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) wordt een regeling getroffen om via de toepassing van artikel 78 nieuw Strafwetboek de sanctionering van de stedenbouwkundige misdrijven, ook na de inwerkingtreding van het nieuw Strafwetboek, op dezelfde wijze te kunnen verderzetten.

Het voorontwerp van decreet wordt voorgelegd voor advies aan de verschillende adviesraden en het college van procureurs-generaal.

Bron:

  • Beslissingen Vlaamse Regering, 8 mei 2026