Interesse?

Wenst u meer nieuws, praktische informatie en wetgeving over welzijn op het werk, milieu en arbeidsgeneeskunde?




Zaakvoerder correctioneel veroordeeld voor belemmering van toezicht

Nieuws - 09/09/2020
-
Auteur(s): 
Chris Persyn (Cautius.be)


 Belemmering van toezicht lijkt soms wat het monster van Loch Ness van het sociaal strafrecht: het bestaat sinds mensenheugenis, er wordt frequenter mee gedreigd dan geverbaliseerd  en telkens wanneer het zo goed als dood werd verklaard steekt het elders wel opnieuw de kop op. Een recent vonnis van de correctionele rechtbank van West-Vlaanderen zorgt voor een originele toepassing ervan, in de context van het onderzoek van een ernstig arbeidsongeval.


De feiten

Op 16 juli 2018 doet zich een ernstig arbeidsongeval voor in een verpakkingsbedrijf. Een werknemer fungeert als operator van een zevental vormgietmachines waarin polystyreen in een matrijs wordt gespoten. Bij het positioneren van een vulpistool in de matrijs van één van de machines treedt die plots in werking en wordt de arm van de werknemer geplet in de matrijs. De machines zijn van vrij recente datum, en wanneer enkele uren na het ongeval een inspecteur van Toezicht Welzijn op het Werk (TWW) langs komt, blijken alle veiligheidsschakelaars correct te werken. Ook de schakelaar op de deur waarlangs het slachtoffer de gevaarlijke zone betreden had: bij het openen daarvan valt de machine onmiddellijk stil. Voor de inspecteur blijft het dan ook onduidelijk hoe het ongeval zich precies heeft kunnen voordoen. Pas tijdens het verhoor van het slachtoffer komt aan het licht dat de veiligheidsschakelaar ten tijde van het ongeval overbrugd was geweest. Onmiddellijk na het ongeval en kort voor de aankomst van de inspecteur werd deze overbrugging op instructie van de zaakvoerder ongedaan gemaakt.

De arbeidsauditeur beslist om strafvervolging in te stellen: tegen de werkgever wegens inbreuken op de Codex, maar eveneens tegen de zaakvoerder wegens het belemmeren van het toezicht.

Het misdrijf

Artikel 209 van het Sociaal Strafwetboek bestraft met een sanctie van niveau 4 ‘zij die het toezicht belemmeren dat krachtens dit Wetboek en de uitvoeringsbesluiten ervan is ingesteld’.

Niet van de poes dus, want het gaat om het zwaarste niveau van bestraffing in dit wetboek. Rekening houdend met de actueel toepasselijke opdeciemen, kan de straf op dit niveau oplopen tot een gevangenisstraf van zes maanden tot drie jaar en een strafrechtelijke geldboete van 4.800 tot 48.000 euro, of tot één van deze straffen alleen. De opgelegde geldboete wordt bovendien vermenigvuldigd met het aantal betrokken werknemers, en de rechter kan voor deze inbreuk ook een exploitatieverbod en bedrijfssluiting of een beroepsverbod en bedrijfssluiting opleggen.

Ook beleidsmatig is er aandacht voor dit delict: het figureert op een prominente vierde plaats in de prioriteitenvolgorde binnen het sociaal strafrecht, zoals die in 2012 werd vastgelegd door het College van Procureurs-Generaal, al wordt wel gepreciseerd dat situaties beoogd worden waarbij bedreigingen worden geuit of geweld wordt gebruikt (Col. 12/2012 d.d. 22 oktober 2012). Dat laatste vormt overigens geen vereiste voor het delict op zich. Het volstaat dat er een actieve of passieve daad van belemmering wordt aangetoond, die wetens en willens werd gepleegd tegenover een bevoegd ambtenaar door een werkgever of een namens hem beslissingsbevoegd persoon.

De uitspraak

De zaakvoerder, die tussen ongeval en bezoek van de inspectie de overbrugging van een veiligheidsschakelaar liet herstellen, belemmerde het toezicht, zo oordeelde de correctionele rechtbank terecht. Hij ensceneerde dat een veiligheid niet werd overbrugd, terwijl dat in de praktijk wel gebeurde. Het is een manipulatie van bewijsmateriaal, creëert een vals beeld en laat geen normaal, objectief toezicht toe. Uniek is het helaas niet. Een effectieve en efficiënte bescherming en veiligheid op de werkvloer is slechts mogelijk indien de nodige medewerking wordt verleend, terwijl men hier juist op tegenwerking botste. De zaakvoerder kreeg voor dit luik van de zaak persoonlijk een boete opgelegd van 8.000 euro, waarvan drie vierden met uitstel.

 


Bron:  Corr. West-Vlaanderen, afd. Brugge 12 juni 2020, vonnis nr. 1112