Interesse?

Wenst u meer nieuws, praktische informatie en wetgeving over welzijn op het werk, milieu en arbeidsgeneeskunde?

Tussentijdse evaluatie van het Vlaams Luchtbeleidsplan

Nieuws - 22/07/2021
-
Auteur(s): 
Joris De Vroey


 Een eerste tussentijdse evaluatie van het ‘Vlaams Luchtbeleidsplan 2030’ is intussen afgerond. De luchtkwaliteit verbetert maar we zijn er nog lang niet. De belangrijkste pijnpunten in Vlaanderen blijven het verkeer (NO2), de landbouw (stikstof) en houtverbranding (fijn stof).
 

De evaluatie van het Luchtbeleidsplan 2030 is uitgevoerd door de VMM in opdracht van de minister. De Vlaamse regering keurde het plan eind 2019 goed, met een reeks doelstellingen op de korte, middellange (2030) en lange (2050) termijn en een uitgebreid pakket aan maatregelen om de luchtverontreiniging in Vlaanderen aan te pakken en de impact ervan op gezondheid en leefmilieu verder te verminderen. De luchtkwaliteit is veel waard: het verminderen van luchtpollutie kan het aantal vroegtijdige sterftes fors terugdringen en de negatieve impact van stikstofneerslag op onze natuur afremmen.

(foto: archief - MilieuDirect)

NO2-jaargrenswaarde stilaan in zicht

De Vlaamse luchtkwaliteit moet onder meer voldoen aan de Europese norm voor stikstofdioxide (NO2). Daartoe moeten de maatregelen voor wegverkeer, landbouw en houtverwarming in de komende periode nog versterkt worden, constateert de minister van Omgeving. “Het verder terugdringen van de luchtvervuiling door het wegverkeer, de landbouw en vervuilende verwarmingsvormen blijven belangrijke aandachtspunten, vooral omdat dit de luchtvervuiling is die uitgestoten wordt op de plaatsen waar wij als Vlamingen wonen, werken en ontspannen.”

Het voortgangsrapport van de VMM constateert dat de luchtkwaliteit in Vlaanderen de laatste jaren systematisch verbeterd is. Alle Europese grenswaarden voor luchtkwaliteit worden sinds 2014 niet meer overschreden, met uitzondering van de jaargrenswaarde voor stikstofdioxide, al ligt ook die jaargrenswaarde in het vizier, met dank aan de versnelde ontdieseling van het wagenpark. Iets wat de minister bij de verdiensten van de Vlaamse regering rekent, met de recente vergroening van de verkeersbelastingen.

Doelstellingen voor 2030 nog onzeker

Maar de VMM evalueerde in het tussentijdse rapport ook hoever we op pad zitten om de doelstellingen voor het jaar 2030 te realiseren. De gezondheidsdoelstelling voor NO2 is in een aantal gemeenten bereikt, de overige gemeenten liggen grotendeels op schema om deze doelstelling te bereiken mits uitvoering van de maatregelen. Ook de gezondheidsdoelstelling voor PM2,5 lijkt op basis van de huidige cijfers haalbaar als de maatregelen uit het luchtbeleidsplan worden uitgevoerd.

Maar voor andere vormen van luchtvervuiling is de situatie minder gunstig:

  • het bereiken van de doelstelling voor vermesting is onzeker omdat de oppervlakte natuur met een te hoge stikstofneerslag sinds 2015 niet meer afneemt
  • voor wegverkeer zijn verschillende doelstellingen omschreven waarvan de realisatie op dit moment nog onzeker is: denk aan emissiearme stadscentra, de (snelheid van de) vergroening van het wagenpark, de ‘modal shift’ van het woon-werkverkeer, de elektrificatie van het bussenpark van De Lijn...
Uitvoering versterken

Minister Demir formuleert enkele beleidsconclusies uit het rapport. Voor de uitvoering van de maatregelen in het Luchtbeleidsplan 2030 is zij ook niet alleen verantwoordelijk. Voor wegverkeer (een bevoegdheid van collega Lydia Peeters) zullen de maatregelen versterkt worden om het aantal gereden kilometers terug te dringen, het wagenpark te vergroenen met meer zero-emissievoertuigen, en om emissiefraude bij personen- en vrachtwagens kordaat aan te pakken.

Voor de aanpak van stikstof is collega Hilde Crevits bevoegd. Hier is een bijkomend maatregelenpakket ontwikkeld in het kader van de Programmatorische Aanpak Stikstof, dat tot doel heeft de uitstoot van stikstof door de landbouw en andere sectoren verder terug te dringen. Dit zal noodzakelijk zijn om het realiseren van de doelstelling voor vermesting veilig te stellen.

Tenslotte verwijst minister Demir nog naar de houtverwarming, die ook nog steeds een belangrijke bron van fijn stof is in Vlaanderen. Ze wil dit najaar nog concrete voorstellen op tafel leggen voor duidelijkere regels voor de installatie, het onderhoud en de periodieke keuring van houtverwarming en de uitfasering van de meest vervuilende houtkachels. 


Bron:  EMIS